Wat maakt maartse buien zo speciaal?
Maartse buien, ook wel voorjaarsbuien genoemd, zijn geen doordeweekse buien. Wat onderscheidt hen van andere buien?
*Hun mengeling van neerslagsoorten is de meest voor-de-hand-liggende eigenschap. Het kan eerst beginnen regenen, later even overgaan in korrelhagel/stofhagel, en indien het intens en vrij lang blijft hagelen of regenen, kan daar ook (natte) sneeuw bij komen. Maar hoe komt dat eigenlijk?
Dat komt omdat deze buien ontstaan in een arctische luchtmassa: lucht afkomstig van de Noordpool dus. Het vorstniveau (freezing level genoemd in luchtvaart) ligt dan ook vrij laag, namelijk onder 700 meter hoogte. Als je weet dat het hoogste punt van ons land (Signal de Botrange) zich op 660-690 meter boven de zeespiegel situeert, dan kan je al raden dat er sneeuw mogelijk is in de Hoge Venen op een dag met maartse buien in Vlaanderen.
*De sterke temperatuurdaling in de onderste luchtlaag is heel kenmerkend voor deze buien. Hoe groter het temperatuurverschil in verticale zin, hoe groter de kans op intense buien met winterse neerslag. NB; een ander woord voor temperatuurafname met toenemende hoogte is ‘verticale temperatuurgradiënt’.
bvb. Vandaag werd het 8°C op wandelhoogte, maar slechts -4°C op 1300m hoogte, -10°C op 2200m hoogte en -15°C op 3000m hoogte.
*Er is geen botsing van winden nodig om stevige buien tot ontwikkeling te laten komen. Deze buien worden vooral intens omwille van de opwarming van het aardoppervlak door zonnestraling, die de verticale temperatuurgradiënt laat toenemen. Het was namelijk de hele dag even koud tussen 1000m en 4000m hoogte (constante).
*Het gebeurt dan ook regelmatig dat weermodellen de intensiteit van deze buien onderschatten. Zeker wanneer de opklaringen breder uitvallen dan verwacht.
*Een maartse bui kan reeds voor gedonder zorgen ondanks dat de buienwolk zelf maar 3.5 – 5km hoog is. Dit is dus enkel mogelijk in een arctische luchtmassa. Indien ons land zich in een subtropische luchtmassa bevindt, dan moet de wolk minstens 7km hoog worden om elektrisch geladen te kunnen zijn (lees: onweer te genereren).
*Hoewel een maartse bui intens en onweerachtig kan worden, is de kans op een windhoos of valwinden nihil. Net zoals in november is de straalstroom dan nog vaak vrij zwak of ligt ze ver buiten onze contreien. Een sterke straalstroom is meestal de aanleiding voor windschade in de tussenseizoenen. De laatste wervelwind in de maand maart dateert al van 18 maart 2002 in Eupen en 10 maart 2001 in Bolland (Herve) en Melen (Soumagne).
*Maartse buien bevinden zich vaak aan de achterzijde van een stevig koufront, soms verbonden aan een stormdepressie. Dat dat nu niet het geval was na de warme lenteweek, is zelfs vrij uitzonderlijk te noemen.
*Deze buien komen meestal uit noordwestelijke of noordelijke richting, maar dat wil niet zeggen dat alle buien die zich zuid(oost)waarts verplaatsen een grillig karakter hebben want dat is ook in het najaar het geval. De buien ontstaan, in tegenstelling tot het najaar, vooral op het warme vasteland en worden soms intenser naarmate ze zich landinwaarts verplaatsen. In het najaar is dit vaak andersom (zwakken af in het binnenland).
*Ten slotte, worden maartse buien vaak afgewisseld door mooie opklaringen. De kans op een regenboog is bijgevolg vrij groot, ook tijdens de voormiddag of late namiddag. Die zonnestraling zal het aardoppervlak opnieuw opwarmen, de lucht zal daardoor weer stijgen, condenseren en opnieuw ervoor zorgen dat nieuwe stapelwolken snel uitgroeien tot een nieuwe bui. Die sterke afwisseling van weertype gebeurt uiteraard niet uitsluitend in het voorjaar, maar die kans is dan wel groter. Dat komt omdat de kans op Noordzeebewolking afneemt. Vandaag zagen we echter nog een betrokken hemel voor en na de maartse buien. Dat komt omdat dit verbonden was aan een front dat zich ontwikkelde.
Lang verhaal kort: Maartse buien zijn eigenlijk een gevecht tussen de resterende winterkou (die nog in de luchtlaag zelf zit) en de opkomende lentezon.
- Login of registreer om te reageren